De Medische Reserve-Eenheid zal worden ingezet tijdens grote gezondheidscrisissen.
Vandaag komen 100 artsen en verpleegkundigen samen voor de eerste opleidingsdag van de Medische Reserve-Eenheid. De MRE kan bij acute gezondheidscrisissen na 48 uur worden ingezet om tijdelijk de zorgsector te versterken, maar waarom is dat noodzakelijk? Viroloog Steven Van Gucht en Anneleen De Sadeleer van het Departement Zorg beantwoorden onze vragen.
Samenvatting:
100 artsen en verpleegkundigen starten vandaag hun eerste opleidingsdag voor de nieuwe Medische Reserve-Eenheid (MRE) in het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen.
De MRE bestaat uit medisch geschoolde vrijwilligers die bij een gezondheidscrisis na 48 uur kunnen worden ingezet, voor maximaal 2 weken.
"We weten dat je altijd handen tekortkomt tijdens een grote gezondheidscrisis", zegt viroloog Steven Van Gucht.
De vrijwilligers krijgen 4 opleidingsdagen met theorie en praktijk, onder meer over crisisbeheer en infectieziektebestrijding, en kunnen later ook worden ingezet in test-, vaccinatie- en zorgcentra.
Op 27 februari 2026 keurde de Vlaamse regering de samenwerkingsovereenkomst met Rode Kruis-Vlaanderen goed voor de inzetbaarheid van een oproepbare Medische Reserve-Eenheid (MRE). Bijgevolg komen er vandaag tal van artsen en verpleegkundigen samen voor hun eerste opleidingsdag in het in Antwerpen.
De Medische Reserve-Eenheid, kortweg MRE, is een groep van medisch geschoolde vrijwilligers die wordt voorbereid op gespecialiseerde inzet tijdens crisissituaties. "De leden hebben een achtergrond in de medische sector en stellen zich beschikbaar om bij te springen tijdens een gezondheidscrisis, denk maar aan de coronapandemie", verduidelijkt viroloog Steven Van Gucht.
"Door hun hulp kan de acute fase van een crisis worden overbrugd, zodat de reguliere zorg kan worden opgeschaald in plaats van overspoeld te raken", vertelt Anneleen De Sadeleer van het Departement Zorg.
We weten dat je altijd handen tekortkomt tijdens een grote gezondheidscrisis
Steven Van Gucht, viroloog
"De leden van de MRE kunnen na 48 uur worden ingezet, voor maximaal 2 weken. Zo creëren we tijd voor ziekenhuizen en huisartsen om de nodige maatregelen te nemen en de crisis verder aan te pakken."
Volgens Van Gucht is het belangrijk om nu al goed voorbereid te zijn op een volgende crisis: "We weten dat je altijd handen tekortkomt tijdens een grote gezondheidscrisis. Op het moment zelf is dat heel moeilijk om op te lossen. Daarom proberen we nu op voorhand een generatie mensen op te leiden die onmiddellijk inzetbaar zullen zijn bij een volgende noodsituatie."
"Bij een crisis is er vaak tijdelijk meer medische hulp nodig dan de reguliere zorg op dat moment kan bieden. Daarom is het belangrijk om een poule van vrijwilligers klaar te hebben staan", voegt De Sadeleer eraan toe.
Viroloog Steven Van Gucht deelt zijn ervaring.
"Denk bijvoorbeeld aan een uitbraak in een woonzorgcentrum, waar het personeel de extra zorg tijdelijk niet alleen kan bolwerken. Dan kan deze reserve bijspringen tot de normale werking weer kan worden hervat."
Daarnaast worden de leden van de MRE na hun opleiding mogelijks ook ingezet in test- en vaccinatiecentra, of in ziekenhuizen. "Ze kunnen niet alleen helpen bij het testen en vaccineren van mensen, maar zullen ook patiënten verzorgen", vertelt Van Gucht.
In totaal zijn er 4 opleidingsdagen, telkens met een theoretisch en een praktijkgericht luik. "Er zijn voornamelijk sprekers uit het werkveld, onder wie Erika Vlieghe, die hun ervaringen delen", legt De Sadeleer uit.
"Maar er wordt ook echt geoefend. Zo leren de deelnemers scenario’s uitwerken, op de juiste manier een beschermingspak aantrekken en concrete crisisoefeningen uitvoeren."
"Het is een heel diverse groep: van net afgestudeerden tot gepensioneerden, van thuisverpleegkundigen tot specialisten. Iedereen die wou, kon zich inschrijven", verduidelijkt De Sadeleer.
Daarna volgde een gesprek met de medewerkers van het Departement Zorg om te kijken hoeveel tijd de vrijwilligers konden vrijmaken en hoe zij die medewerking zien.
Van Gucht benadrukt dat de deelnemers een medische achtergrond en ervaring hebben, maar in hun dagelijkse praktijk zijn ze niet altijd vertrouwd met crisissituaties. "Sommige zaken, zoals de bestrijding van infectieziekten, kom je niet vaak in de praktijk tegen. Tijdens de coronapandemie merkten we bijvoorbeeld dat we bepaalde artsen nog moesten bijscholen over een aantal basisprincipes."
"Bovendien komt het onderdeel infectieziekten en de bestrijding ervan te weinig aan bod in de opleiding van artsen en verpleegkundigen. Daarom is het belangrijk om hen daarin bij te scholen."