RTV Utrecht

Ligt er nog Goudstikkerkunst verstopt in een dichtgemetselde kelder van kasteel Nijenrode?

Rose Heijnen, Nathalie Ringrose, Erwin Raasveld 6 min lezen

RTV Utrecht

30 september, 21:15 • Aangepast 1 oktober, 14:27 • 6 minuten leestijd

© RTV Utrecht/inzet: Archief Amsterdam

Breukelen - Liggen er nog kunstschatten van de Joodse kunsthandelaar Jacques Goudstikker in de kelders van kasteel Nijenrode verstopt? Twee schrijvers zien aanwijzingen. Nabestaanden van Goudstikker vragen de particuliere universiteit om te gaan kijken.

Een van de kelders onder kasteel Nijenrode is al decennia de bar van de studentenvereniging. Het ziet eruit zoals een studentenkroeg eruit hoort te zien. Donker, viezig en met veel drank. Zou het kunnen dat studenten hier al jarenlang ongemerkt naast verborgen kunstschatten hun biertjes adten?

Het was schrijfster Elle van Rijn die onverwacht op een kort zinnetje over een dichtgemetselde kelder in het dagboek van de weduwe van Goudstikker stuitte. De drie woorden, geschreven in september 1939, waren opvallend, maar Van Rijn had niet meteen door hoe opvallend.

Jacques Goudstikker (1897-1940) was een Joodse kunsthandelaar met een grote kunstcollectie. Na de Duitse inval vluchtte hij en kwam hij onderweg om het leven. Veel van zijn kunst belandde daarna in handen van nazi’s, onder wie Hermann Göring. Zijn erfgenamen proberen die geroofde werken nog altijd terug te krijgen, waardoor de zaak regelmatig opnieuw in het nieuws komt.

De schrijfster las het dagboek ter voorbereiding van haar nieuwste boek, Gestolen Geluk, dat vandaag verschijnt. De roman gaat over het leven van Desi von Halban-Kurz. Een beroemde Oostenrijkse zangeres die in 1938 met de Nederlandse kunsthandelaar Jacques Goudstikker trouwt.

Van Rijn kreeg het rode dagboekje persoonlijk van de Amerikaanse schoon- en kleindochters van Goudstikker. Zij hadden het dagboek, dat de jaren 1936 tot 1940 beslaat, nooit kunnen lezen. Desi schreef in het Duits en in een vrij lastig te ontcijferen handschrift.

Elle van Rijn deed de ontdekking

Speciaal voor Van Rijn werd het dagboek getranscribeerd. Zodoende kreeg de schrijfster als eerste toegang tot de beknopte beschrijvingen van Von Halbans leven eind jaren 30.

De zangeres beschrijft er in korte zinnen wat ze op een dag meemaakt. Bijvoorbeeld met wie ze thee drinkt op kasteel Nijenrode, dat op dat moment in bezit van de firma Goudstikker. Op het kasteel worden zaken gedaan en kunst tentoongesteld. Desi schrijft wat voor weer het is, welk oorlogsnieuws hen bereikt, hoe haar man zich voelt of hoe het met hun jonge zoontje Edo gaat.

Op 7 september 1939 schrijft ze: "Früh Nijenrode. Keller werden zugemetzelt. Herrlich schönes Wetter..." Dat vertaalt Van Rijn als: "Vroeg op Nijenrode. Kelders worden dichtgemetseld. Mooi weer."

© Elle van Rijn

Dat Desi zugemetseld schrijft, geen officieel Duits woord, is niet gek, denkt Van Rijn. "Die sprak op een gegeven moment natuurlijk half Nederlands half Duits." Zo zal ze het Nederlandse metselen hebben vermengd met het Duitse zu.

Van Rijn denkt dat Goudstikker die zevende september een aantal kunstwerken in het kasteel aan de Vecht verstopte. Duitsland is dan net Polen binnengevallen en de dreiging van oorlog komt ook voor Nederland steeds dichterbij.

De schrijfster is direct geïntrigeerd door het zinnetje, maar weet niet of er meer bekend is over een eventueel dichtgemetselde kelder op Nijenrode. Ze belt Pol Schevernels, die aan een biografie over Jacques Goudstikker werkt. Van Rijn: "Ik vroeg aan hem wat er nou precies is gebeurd met die werken die op Nijenrode zijn ingemetseld. Maar er was nog niks over bekend."

Ook Schevernels bestudeert de dagboekfragmenten. Als oud-student van universiteit Nyenrode heeft de Woerdenaar jaren op het kasteel doorgebracht. Bij het lezen van het dagboek gaat er bij hem een belletje rinkelen.

Schevernels: "Tijdens de introductie voor eerstejaarsstudenten wordt altijd gezegd dat er misschien nog wel ergens schilderijen van Goudstikker liggen in het kasteel." Hij trekt zijn conclusie: "Er moet ergens in een van de kelders nog kunst liggen. Er is gewoon nog nooit naar gezocht."

Voor zijn biografie ontdekte Schevernels dat Goudstikker in de jaren vóór de oorlog een aantal schilderijen in Engeland onderbracht. "Als een soort appeltje voor de dorst, voor het geval hij moest vluchten en in het buitenland niet bij zijn geld kon." Schevernels denkt dat de kunsthandelaar ook schilderijen op Nijenrode inmetselde: "Voor het geval dat."

Zelf denkt hij wel te weten waar het zou kunnen zijn. In de kelderbar, de bar waar de studenten van Nyenrode hun biertjes drinken. "Daar is een dichtgemetselde nis."

De nis in de kelderbar

© Elle van Rijn

Dat hij en andere generaties studenten dan jarenlang ongemerkt hebben gezopen naast kunstwerken van Goudstikker vindt hij ongelooflijk.

"Er kunnen schilderijen liggen, maar ook andere kunstvoorwerpen. Beelden of servies. Je weet het niet." Hij benadrukt dat Goudstikker naast schilderijen ook andere kunst verzamelde. "Hij was echt een briljante kunsthandelaar."

In haar boek fantaseert Van Rijn dat er tien schilderijen liggen. "Al kan het natuurlijk van alles zijn, of nog in een andere kelder." Ook de nazaten van Goudstikker zijn ondertussen op de hoogte van het zinnetje. Kleindochter Charlène von Saher is nieuwsgierig geworden. "Al kan er net zo goed niks liggen, maar misschien liggen er wel stukken. Ik wil het graag weten."

Alleen, als er daadwerkelijk iets verstopt is in de kelder, waarom zou er dan nooit naar zijn gezocht? Jacques Goudstikker zelf overleed op 16 mei 1940. Desi keerde na de oorlog wel terug naar Nederland. Ze werd 83 jaar oud en woonde jaren in Bilthoven. Waarom zou zij nooit iets hebben gezegd?

Daar heeft Schevernels wel een theorie over. "Je moet je voorstellen hoe die situatie was toen ze terugkwam. Alles was gestolen. Die had hele andere dingen aan haar kop."

Von Saher heeft zich dit ook afgevraagd. "Mijn eerste reactie was was dat mijn oma dat wel afgehandeld zou hebben. Maar als de muur nog steeds dicht zit, wie weet. We zullen het zien."

Desi von Halban-Kurz met haar man Jacques Goudstikker

© Archief Amsterdam

Van Rijn denkt dat het zoeken naar de schilderijen misschien te zwaar was voor Desi. "Er kwam zoveel op haar af. Ze kwam terug en de zaak bleek volledig leeggeroofd te zijn."

Bovendien, vertelt Van Rijn, drong de omvang van de holocaust toen pas tot haar door. "Ze was gebroken, haar man was dood, ze moest zorgen voor haar zoontje. In de hectiek is het er wellicht bij ingeschoten. En toen ze er misschien weer aan dacht was Nijenrode niet meer in haar handen."

Von Saher, Schevernels en Van Rijn hopen dat universiteit Nyenrode gaat onderzoeken of er iets in een kelder kan liggen. Schevernels: "Dat kan heel makkelijk. Gewoon een gaatje boren en met een cameraatje naar binnen kijken."

De nazaten laten weten ondertussen contact te hebben met Nyenrode. Von Saher: "Ik heb er het volste vertrouwen in dat we dit goed gaan afhandelen. We moeten gewoon weten of er iets ligt."

Nyenrode laat weten dat ze op de hoogte zijn van de geruchten over de verborgen schilderijen, maar dat er, voor zover zij weten, geen dichtgemetselde kelder in het kasteel is. Ze geven aan open te staan voor een gesprek met de familie van Goudstikker.

Charlène von Saher in kasteel Nijenrode

© RTV Utrecht

Heb je een tip of opmerking? Stuur ons je nieuws of foto via WhatsApp of mail.