Politiek
1 oktober, 07:03 • Aangepast 1 oktober, 08:46 • 3 minuten leestijd

Overijssel ligt ver achter met de toegezegde aanleg van bos. Van de 3900 hectare die er voor 2030 bij moet komen, is nog maar 319 gerealiseerd. Problemen zijn er met geld, gemeenten en toezicht, blijkt uit onderzoek van de Rekenkamer Oost-Nederland. Bestaand bos wordt ondertussen bedreigd.
De bevindingen van de Rekenkamer bevestigen eerdere berichten over de problemen van Overijssel om de doelstellingen te halen. De realisatie van nieuw bos loopt ver achter en tegelijkertijd verdwijnen er nog altijd bomen bij houtwallen en singels.
Nederland wil in 2030 over tien procent meer bos beschikken dan in 2020. Het is een doelstelling die voortkomt uit het landelijke Klimaatakkoord; de opname van CO2 door bomen speelt hierin een belangrijke rol. Met nog vier jaar te gaan heeft de Rekenkamer het bomen- en bosbeleid van de provincie onder de loep genomen.
"Nog geen tien procent van het doel is gerealiseerd", concludeert Edo Gies van de Rekenkamer bij de overhandiging van het rapport in de Statenzaal van het provinciehuis. "En met de huidige aanpak en middelen is het niet de verwachting dat de resterende negentig procent de komende jaren wordt behaald."
Het belangrijkste advies van de Rekenkamer aan de politiek luidt dan ook: breng de doelstelling en de middelen met elkaar in lijn. Daar is nu helemaal geen sprake van.
Om tot de 3900 hectare te komen (waarvan 2500 nieuw en 1400 ter compensatie van bomenkap in Natura 2000-gebieden) zijn tientallen miljoenen euro's nodig. Voor het compensatiedeel ontving Overijssel al 68 miljoen euro uit Den Haag, maar zelfs dan blijft er voor alleen die 1400 hectare al een gat bestaan van tientallen miljoenen euro's.
Voor het creëren van bos heeft Overijssel zelf 34 miljoen euro aan subsidie beschikbaar gesteld. Daarvan is tot nu toe zo'n 18 miljoen aangevraagd. Arie en Rina Rouwhof uit Markelo gebruikten de subsidieregeling bijvoorbeeld om voormalig landbouwgrond om te zetten naar bos (zoals beschreven in onderstaand verhaal). Maar dat lukt niet overal.
Zo is er simpelweg een gebrek aan ruimte. De nieuwe Omgevingsvisie heeft dat probleem vergroot: gebieden die eerder aangewezen waren als mogelijke locaties voor nieuw bos, zijn daar geschrapt. Ook zijn de kosten voor het aanleggen van bos gestegen, willen landeigenaren soms geen bomen op hun grond en verlopen (gebieds)processen soms trager dan gehoopt.
Ander obstakel is de houding van sommige gemeenten. Niet overal staan ze te springen om ruimte te geven aan de de bosambities van de provincie. Tubbergen, Hof van Twente en Losser zijn bijvoorbeeld zeer terughoudend.
Los van het achterblijven van de creatie van nieuw bos, verloor Overijssel ook veel bomen. Uit eerder onderzoek bleek dat tussen 2012 en 2022 in totaal zo'n 200 hectare aan groen is verdwenen. Onderzoeksplatform Follow the Money schreef al eerder dat in die periode ongeveer 118.000 bomen verdwenen in Overijssel. Daarnaast gingen zo’n 4000 andere landschapselementen verloren, zoals heggen en houtwallen.
Het leidde al tot een verandering op het provinciehuis. Waar eerder zo'n dertig procent van de kapmeldingen werd gecontroleerd, is de controle inmiddels honderd procent. Daarbij worden ook satellietbeelden benut.
De problemen blijken groot: bij alle controles was in 32 procent van de gevallen sprake van overtredingen. Overijssel legde het afgelopen jaar 13 dwangsommen op, waar dat in de twee voorgaande jaren opgeteld slechts zes waren.