RTV Noord
30 september, 11:30 • Aangepast 30 september, 20:47 • 5 minuten leestijd

Het is 3 december 2015 even na 18.25 uur wanneer machinist Ben van Dam zijn trein kort voor de Friesenbrücke tot stilstand brengt. Het sein voor de brug staat op rood. Wat hij dan nog niet weet is dat het bijna elf jaar zou duren voordat de eerste trein een volledig nieuw gebouwde Friesenbrücke kan oversteken.
Wat er precies gebeurd is, weet Van Dam niet. Hij is net vertrokken van station Weener, en zet koers richting Leer. Maar net nadat hij gas heeft gegeven, moet hij alweer op de rem. De machinist van Arriva zoekt contact met de brugwachter en krijgt te horen dat er die dag geen treinen meer over de Eems zullen rijden.
Pas een dag later dringt de ernst van de situatie door. De brug is vlak daarvoor, om 18.23 uur, geramd door een vrachtschip.
‘Ik heb best wel mazzel gehad, want ik had ook op de brug kunnen rijden’, realiseerde Van Dam zich toen hij hoorde wat er aan de hand was. ‘Als je daarover nadenkt, schrik je toch even.’ Op het station van Leeuwarden blikt Van Dam terug op de afgelopen elf jaar en vooruit naar het moment dat de eerste passagiers weer zonder tussenkomst van busvervoer van en naar Ostfriesland kunnen reizen.
Met bijna veertig jaar werkervaring bij het spoor heeft Van Dam het nodige meegemaakt. Die donkere decemberavond staat hem echter nog helder voor de geest.
Ik reed de eerste trein die niet meer over de brug kon
‘Ik reed de eerste trein die niet meer over de brug kon’, vertelt hij. ‘Pas een dag later kreeg ik via nieuwsberichten door wat er gebeurd was. Er was nog veel minder sociale media, het nieuws ging langzamer toen. En het was donker. Ik zag wel de felle tl-lampen van het vrachtschip, maar dat het om een aanvaring ging wist ik toen niet.’

Er rest Van Dam niks anders dan terugkeren naar Groningen. Hij kon die rit nog maken, maar een collega had minder geluk. ‘Die stond aan de andere kant van de brug en was net uit Leer vertrokken richting Groningen. Die trein kon de brug natuurlijk ook niet meer over, en is uiteindelijk een paar dagen later via Bad Bentheim weer teruggekomen’, vervolgt de geboren Groninger.
Wat volgt is een lange periode van onzekerheid over de treindienst naar Leer. Juist de verbinding waar de provincie Groningen met de ‘Wunderline’ zoveel van verwacht, ligt eruit. Niet alleen veel reizigers moesten de verbinding missen, maar ook treinpersoneel moest het zonder de ritjes naar de oosterburen doen.
Dik veertig machinisten zijn intussen klaargestoomd om de grens weer over te gaan. ‘Zo hebben we meerdere cursussen gehad’, zegt Van Dam. Hij is inmiddels, net als zijn collega’s, een paar keer naar Leer op en neer gereden. Dat gebeurde alleen wel zonder passagiers: tijdens instructieritten blijven de stoelen verplicht leeg.

Het spoor waar Van Dam het over heeft is het gedeelte tussen Bad Nieuweschans en Leer. Een paar honderd meter na het station in het kuuroord rijdt de trein al op Duits grondgebied. ‘Naast de taal, waar veel machinisten ook een cursus op B1-niveau voor krijgen, kent het Duitse spoor een grote verscheidenheid aan seinen. Ook werken beveiligingssystemen anders.’
Wat moet er gebeuren?
Er komt veel bij kijken voordat je weer treinen kunt laten rijden over een nieuw stuk spoor. Wil je daar meer over weten? Dat lees je dit weekend bij RTV Noord.
Mensen kunnen per trein weer boodschappen doen in Bunde of naar de kerstmarkt
Een trein besturen is dus meer dan optrekken en remmen, zeker wanneer tijdens de rit een landsgrens wordt gepasseerd. Van Dam kan nog steunen op zijn ervaring van voor december 2015, al zijn er voor hem ook dingen anders. In het Duitse Bunde en Ihrhove zijn nieuwe stations gebouwd. De lengte van perrons en de exacte stopplaatsen voor verschillende treinlengtes vallen ook onder de ‘baanvakbekendheid’ waar Van Dam en zijn collega’s zich de afgelopen tijd over gebogen hebben.

Arriva staat te popelen om de treindienst naar Duitsland opnieuw op te starten. ‘We hebben geïnvesteerd in kennis en taal en nu willen we weer mensen naar Leer vervoeren. Dat geldt ook voor de stewards die controleren en helpen op de trein. Mensen kunnen per trein weer boodschappen doen in Bunde, naar de kerstmarkt of vanuit Leer verder Duitsland in.’
Trots laat Van Dam dan ook zijn Europees treinrijbewijs zien. Wanneer hij praat over de internationale treindienst gaan zijn ogen glimmen. ‘De lijn is al lang onderdeel van mijn leven. Ik ben veertig jaar geleden begonnen als blokwachter in Winschoten. Ieder station had toen nog iemand die de wissels en seinen bediende en een treindienstleider.’
Die tijd is inmiddels voorbij. Wat gebleven is, is de passie van Van Dam voor de trein en in het bijzonder die naar Leer. Daar kon de ingestorte brug niets aan veranderen. Komende maandag rijdt-ie weer. Met meer dan veertig trotse machinisten in de cabine.
Van Dam is blij dat de trein de grens weer overgaat. Over anderhalf jaar gaat hij met pensioen: hij is dus net op tijd om passagiers weer veilig de Friesenbrücke over te rijden. Al zal hij ook weleens als reiziger de oversteek wagen. ‘Lekker even naar de kerstmarkt, bijvoorbeeld die in Oldenburg. Die is toch net iets leuker dan die in Leer.’