RTV Noord
Vandaag, 06:00 • Aangepast Vandaag, 15:30 • 5 minuten leestijd

Groningen is in korte tijd uitgegroeid tot een van de belangrijkste Europese regio’s voor datacenterbanen. De provincie hoort inmiddels bij de top tien van Europese regio's met het grootste aandeel in dit werk. Maar wat merkt Groningen hier op de lange termijn van?
Die sterke groei valt extra op omdat het in de rest van de techsector juist minder goed gaat. Terwijl daar banen verdwijnen, zoeken datacenters hard naar personeel.
Uit onderzoek van vacaturesite Indeed blijkt dat er in Nederland 38 procent meer vacatures voor datacenters zijn dan vóór de coronapandemie.
Toch betekent die stijging niet dat de provincie er meteen duizenden vaste banen bij krijgt. Volgens Arjen Edzes, lector Regionale Arbeidsmarkt bij de Hanzehogeschool, moet je twee fasen onderscheiden.
‘De bouw levert een piek aan werkgelegenheid op van een jaar of twee, in de orde van grootte van 1.000 tot 1.200 banen. Dat zijn tijdelijke pieken voor Groningen of Winschoten. Daarna volgt de exploitatiefase', zegt hij.
'Ik denk dat die qua volume best meevalt. Er komt wel vraag naar IT-technici die de datacenters onderhouden, maar we hebben het niet over duizenden banen', aldus Edzes,

Om te begrijpen wat voor werk een datacenter oplevert, vergelijkt Edzes de arbeidsmarkt met een piramide. Onderaan staan algemene banen waarvoor de meeste mensen in aanmerking komen, zoals beveiliging, catering en schoonmaak.
In het midden vind je personeel met een technische opleiding. En bovenin staan de specifieke datacenterfuncties, waarvoor je echt gespecialiseerd moet zijn.
Hoewel deze banen aantrekkelijk klinken, ontstaat er wel een nieuw probleem: concurrentie. Voor technische en algemene functies vissen datacenters in dezelfde vijver als andere bedrijven. Zo kan een ingenieur ook aan de slag bij netbeheerder TenneT, die het stroomnet moet uitbreiden.
Waar je meer verdient, trek je mensen aan
‘Daar zit dus spanning en concurrentie’, zegt lector Digitale Transformatie Rix Groenboom van de Hanze. Edzes voegt daaraan toe dat ook zonne-energiebedrijven en de energiecentrale in de Eemshaven hard op zoek zijn naar technici. Dat personeel is in de regio simpelweg schaars.
Bij algemene banen ligt een overstap sneller voor de hand. ‘Een beveiliger gaat eerder bij een datacenter werken als hij daar veel meer verdient, dan in een ziekenhuis’, legt Edzes uit.

Datacenters betalen vaak meer dan andere werkgevers. Volgens Indeed verdien je er in softwareontwikkeling gemiddeld zeven procent meer. Bij projectmanagement is dat tien procent, bij onderhoud vijftien procent en bij IT-infrastructuur zestien procent. Bij leidinggevenden is het verschil met 23 procent het grootst.
‘Waar je meer verdient, trek je mensen aan’, zegt Edzes. Het opleiden van technici kan de salarissen verder opdrijven. Ook werkzoekenden kijken vaker naar dit werk: het aantal zoekopdrachten naar datacenters verachtvoudigde bijna in Nederland en verdrievoudigde in Spanje, Polen en Italië.
Dat de keuze voor deze grote datacenters op Groningen valt, heeft duidelijke redenen. In en rond de Randstad is het stroomnet overbelast en worden geen vergunningen meer afgegeven. Groningen had wél de benodigde ruimte, goede stroomvoorzieningen en een duidelijke bestuurlijke wens om deze bedrijven te verwelkomen.
‘In het gesprek met Brussel heeft Groningen goed gelobbyd’, zegt Edzes. ‘Daarnaast hadden we een klein potje geld om specifieke financiering mogelijk te maken.'
'De andere reden is dat we hier ruimte hebben, de energievoorziening op orde is en we voor een deel de mensen en sectoren in huis hebben. Dat maakt het mogelijk om hier dingen te doen waarmee Groningen vaart kan maken.’

Een terugkerend probleem in Groningen is dat veel studenten na hun studie naar de Randstad vertrekken. Of datacenters die trend kunnen stoppen, durft Edzes niet te beloven.
Wel denkt hij dat het helpt als Groningen zich sterk op de kaart zet als slimme AI-regio, zodat talent eerder geneigd is in het Noorden te blijven.
Groenboom vergelijkt de komst van datacenters met de bouw van een zeehaven: ‘Deze investeringen zijn echt groot. Het is een soort haven, die gaat niet zomaar weg.’
Ik hoop dat het datacenter een opstap is naar extra economische toegevoegde waarde
Maar net als bij een haven heb je aan alleen het doorvoeren van goederen of data niet genoeg: ‘Je wilt ook waarde toevoegen aan de lading.’ Daarom wijst hij op de toekomstige AI-fabriek , waar een team van ongeveer vijftig specialisten gaat werken aan slimme toepassingen.
‘Ik hoop dat dat een aanzuigende werking heeft en dat het datacenter een opstap is naar extra economische toegevoegde waarde.’
Als voorbeeld noemt hij steden als Zürich, waar techreuzen als Google en IBM grote onderzoeksafdelingen hebben neergezet zonder dat er een datacenter staat, en Eindhoven met ASML. ‘Laten we hopen dat dit het eerste schaap over de dam is.’
Om te voorkomen dat datacenters 'grijze dozen' blijven, moet Groningen inzetten op hoogwaardige kennisbanen. Die zorgen voor indirect extra werk op bij lokale bedrijven. Een datacenter dient dan als basisinfrastructuur, vergelijkbaar met een laboratorium.
‘De verwachtingen zijn hoog, maar je kunt nu hooguit zeggen dat de faciliteiten worden ingericht om het mogelijk te maken’, zegt Edzes.
Beide docenten benadrukken dat het niet vanzelf gaat. Edzes besluit: ‘Je moet het faciliteren door infrastructuur te bouwen en voorwaarden te scheppen waardoor innovatie op termijn echt rendement oplevert voor de regio.’