
25 sep 2026 om 00:53
Update: 1 week geleden
David van Weel heeft nog een kans gekregen van de Tweede Kamer. De justitieminister bood donderdag op aandringen van de Kamer nogmaals excuses aan na een verhit en moeizaam debat over de nasleep van tienduizend onbehandelde aangiften.
"Ik erken dat u het idee heeft dat mijn excuses niet oprecht waren of slechts gericht op het proces. Dat raakt me wel. Ik realiseer me nu, ook na uw inbreng, dat ik u bedoeld of onbedoeld op het verkeerde been heb gezet of dat u zich misleid heeft gevoeld", zei Van Weel.
De minister had eerder op de avond ook al zijn excuses aangeboden, maar toen had hij geweigerd te erkennen dat hij de Kamer onjuist had geïnformeerd over de hoeveelheid politiezaken.
Zijn uitleg was in eerste instantie niet genoeg voor de oppositie. Partijen van links tot rechts zagen de minister enkel excuses maken voor het ontstane beeld. PRO-Kamerlid Songül Mutluer noemde Van Weel "star". Caroline van der Plas (BBB) wees de minister op de "openingen" die de Kamer hem in het debat al had geboden.
De Kamerleden van de voltallige oppositie eisten aan het einde dan ook oprechte excuses van de minister. Ook wilden ze dat de minister "expliciet" zou toegeven dat hij de Kamer op het verkeerde been heeft gezet.
Van Weel belooft beterschap voor de toekomst
De kwestie draait om een onderzoek van de Algemene Rekenkamer. Het instituut concludeerde eerder dit jaar dat in 2024 tienduizend (ernstige) aangiften op de plank zijn blijven liggen. Van Weel had tegen de Kamer gezegd dat de helft van die zaken geen aangiften betrof, maar meldingen.
De Rekenkamer had de minister deze week op de vingers getikt voor die uitspraak. Volgens de belangrijkste controleur van de regering is in slechts 10 procent van de zaken geen aangifte gedaan.
"Dat ik onvolledig ben geweest is nooit mijn bedoeling geweest. Dat moet en kan anders. En dat wil ik u ook heel graag bewijzen. En daar bied ik mijn excuses voor aan", zei Van Weel donderdag aan het einde van het debat.
De minister gaf ook toe dat hij dit "eerder had moeten doen". De oproepen van de Kamerleden om nog een keer goed na te denken over zijn slotwoord kwamen echt bij hem binnen, zei hij. Van Weel beloofde beterschap.
Spanning in debat laat zien dat oppositie machtig is
De motie van wantrouwen, die nog werd ingediend door PVV, kreeg uiteindelijk alleen steun van FVD. Dat Van Weel het zo lastig kreeg in het debat laat zien dat de oppositie machtiger is dan ooit. In soortgelijke situaties kon een bewindspersoon in eerdere jaren vaak rekenen op de steun van een meerderheidscoalitie. Als die de rijen gesloten hield, was de minister beschermd.
De minderheidscoalitie van D66, VVD en CDA heeft nu slechts 66 zetels. De Kamerleden probeerden de minister wel te verdedigen tijdens het debat, maar werden zelf ook flink onder vuur genomen. Van Weel wacht nog een flinke kluif wanneer hij zijn begroting de komende maanden door het parlement moet loodsen.
Hij heeft nu wel het voordeel van de twijfel gekregen, maar het vertrouwen heeft een flinke tik gekregen. Ook heeft Van Weel toegezegd de relatie met de Rekenkamer te gaan herstellen.