RTV Oost

Leerlingen ROC van Twente bouwen tjaskermolen: 'Slimme koppen en gouden handen'

5 min lezen

Onderwijs

21 september, 20:59 • Aangepast 22 september, 09:26 • 4 minuten leestijd

Docent Alfred Evers gaat samen met studenten van het ROC een Tjasker bouwen.

© 1Twente

Studenten van het ROC van Twente bouwen bij RIBO in Hengelo een Friese tjaskermolen voor het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem. Het museum heeft RIBO gevraagd een replica te maken van een oud exemplaar dat niet meer werkt.

Voor het Nederlands Openluchtmuseum was het even zoeken naar een partij die de Friese tjaskermolen kon nabouwen. "Via omwegen zijn we bij het opleidingscentrum RIBO in Hengelo terechtgekomen”, zegt Edwin Sluiter, werkvoorbereider bij het museum. "De combinatie van restauratiekennis en onderwijs gaf de doorslag. Zij leiden jonge mensen op voor de toekomstige generatie in de restauratie. Daar lopen wij in Arnhem voortdurend tegenaan, of het nu om timmerwerk, metselwerk of ander vakwerk gaat.”

RIBO
RIBO staat voor restauratie en innovatie in de bouw in Overijssel. De stichting biedt trainingen aan voor professionals in de restauratie. Daarnaast maakt RIBO het mogelijk dat jongeren zich bekwamen in het restaureren van monumentale gebouwen. RIBO heeft in Hengelo een groot depot met historisch bouwmateriaal.

RIBO is blij met de praktijkopdracht. Het maken van een reconstructie van een historische poldermolen is erg waardevol voor het opleiden van een nieuwe generatie vakmensen.

Voor de studenten gaat de klus veel verder dan het zomaar namaken van een oud houten voorwerp. Van veel historische constructies zijn vaak geen bruikbare bouwtekeningen voorhanden, dus moet alles nauwkeurig worden ingemeten. Daarom is de tjasker in Arnhem nauwkeurig ingemeten.

"Om een tjasker goed te kunnen reconstrueren, moeten leerlingen begrijpen waarom onderdelen een bepaalde vorm hebben en hoe de complete constructie functioneert", zegt docent Alfred Evers. Hij begeleidt de studenten die in het kader van de opleiding technicus hout en restauratie meedoen aan het project. "Het moet tussen de oren goed zitten, je moet vaardigheden hebben en je moet geïnteresseerd zijn in erfgoed. Eigenlijk die hele combinatie maakt het ook zo mooi om met hout te werken.”

Evers is trots dat RIBO deze opdracht heeft gekregen. "Dat vertellen we ook aan de studenten: je mag nu iets maken voor een openluchtmuseum dat daar de komende honderd jaar blijft staan. Aan die geschiedenis heb jij straks meegewerkt."

Studenten van het ROC van Twente leren bij RIBO klassieke houtverbindingen met de hand maken. Ook werken ze met moderne computergestuurde machines en 3D-technieken.

"Als leerlingen dit in 3D kunnen tekenen en opmeten, dan hebben ze eigenlijk het hele concept digitaal”, zegt Evers. "Daarna volgt het ambachtelijke werk. De 3D-techniek en computergestuurde machines vervangen het oude vakmanschap niet, maar helpen studenten om beter te begrijpen en toe te passen."

Tjaskers behoren tot de eenvoudigste Nederlandse windmolens. Tot in de jaren veertig van de vorige eeuw stonden ze onder meer in Friesland, West-Groningen, Drenthe en een deel van Overijssel. De molens werden gebruikt om drassige stukken land droog te houden.

De wieken drijven rechtstreeks een schuin geplaatste molenas aan, die verbonden is met een vijzel in een houten ton. Zo’n vijzel is een schroefvormig mechanisme dat tijdens het draaien water van een lager naar een hoger niveau brengt, waarna het kan worden afgevoerd.

Oude Friese tjaskermolen in het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem

© Nederlands Openluchtmuseum

Voor RIBO is de opdracht van het Nederlands Openluchtmuseum van grote betekenis. Dat een landelijk museum in Hengelo aanklopt, past volgens RIBO-directeur Susanne van den Beukel bij de rol die de stichting als 'regio-overstijgend expertisecentrum voor restauratie' wil spelen. "Het laat ook zien dat RIBO meer is dan een opleiding in Twente en dat we samen met leerlingen aan projecten werken die maatschappelijke meerwaarde hebben.”

Tegelijkertijd legt het project een probleem bloot dat in de restauratiesector al langer speelt. De vraag naar ervaren vakmensen wordt steeds groter, terwijl nieuwe aanwas beperkt is. In Nederland is steeds meer vraag naar specifieke kennis over het restaureren van monumenten of historische gebouwen. Die kennis dreigt verloren te gaan, met grote gevolgen voor behoud van historisch erfgoed.

Van den Beukel ziet dat studenten die de opleiding afronden goede kansen hebben op werk en een goede boterham kunnen verdienen. Stagebedrijven willen leerlingen geregeld na hun opleiding houden. Volgens haar zit de uitdaging daarom vooral aan de voorkant: het interesseren van jongeren voor het ambacht. "Onbekend maakt onbemind, dus als je niet weet dat dit vak bestaat, dan kies je daar niet voor."

Studenten in de werkplaats van RIBO in Hengelo

© 1Twente

RIBO probeert daarom niet alleen vmbo-leerlingen, maar ook kinderen op jonge leeftijd al kennis te laten maken met ambacht en erfgoed. "Laat ze maar een keer een schaaf in de hand nemen en zien hoe mooi houtbewerking kan zijn”, zegt Van den Beukel. "Ik denk dat het al begint door aan de keukentafel thuis met jongeren in gesprek te gaan om ze de schoonheid van monumenten en het belang van erfgoedbehoud te laten zien."

Het restauratievak vraagt om een combinatie van slimme koppen en gouden handen
Susanne van den Beukel, directeur RIBO

Van den Beukel benadrukt dat het restauratievak meer is dan handvaardigheid, maar dat het ook vraagt om denkwerk. "Het is juist een combinatie van slimme koppen en gouden handen. Dat gaat hier letterlijk hand in hand.”

In Hengelo zijn inmiddels de eerste onderdelen van de tjasker klaar. De wieken en andere delen zijn in fases naar het Openluchtmuseum vervoerd. Daar wordt de tjasker opgebouwd. Een stukje Friese watergeschiedenis krijgt daarmee in Arnhem een nieuw leven, gebouwd door Twentse handen.

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie? Tip de redactie via WhatsApp of via de mail.