BRUZZ

Brusselse egels onder druk: plaats komende weken daarom huisjes in je tuin

3 min lezen

Het aantal egels in onze contreien gaat al een tijd in dalende lijn, om velerlei redenen: een afname van de insecten die hun voedsel vormen, versnippering van leefgebieden, pesticiden, de mysterieuze 'egelziekte', het drukke verkeer … Wat dat laatste betreft: in Brussel is het diertje na de vos het grootste verkeersslachtoffer. De belangrijkste reden daarvoor: ze rollen zich bij gevaar in een bolletje in plaats van te vluchten, wat hen extra kwetsbaar maakt op autowegen.

In het centrum zijn ze nauwelijks te spotten, ze zitten vooral in de parken en tuinen aan de rand van Brussel, in Ukkel en Watermaal-Bosvoorde bijvoorbeeld. “Ze hebben grote leefruimtes nodig, en dus doorgangen tussen verschillende tuinen”, zegt Lynn Tobback, woordvoerder van Leefmilieu Brussel. “Mensen zouden voor de diertjes in omheiningen ten minste iedere 15 meter in kleine gaten moeten voorzien of, nog beter, een zogezegde expresweg creëren door de hele onderkant vrij te maken.”

Een groot probleem voor egels in de tuinen van vandaag is dat die te netjes zijn, waardoor ze geen schuilplaats kunnen vinden onder struiken, hoopjes bladeren of een stapel takken. Egels hebben het hele jaar verborgen rustplekken nodig, maar zeker tijdens de koude maanden vanaf november. Voor hun overleving is het cruciaal dat ze dan goed beschut tegen vorst en neerslag kunnen doorslapen tot het voorjaar. Rommelhoekjes zijn zeker nuttig, maar idealiter plaats je een heus egelhuisje.

Op het platform Renature Brussels geeft Leefmilieu Brussel advies voor wie zo'n huisje wil maken of kopen. “Kies voor onbehandeld hout dat goed bestand is tegen vocht, let erop dat de vloer geen direct contact maakt met de grond om schimmelvorming te voorkomen en voorzie in een lange 'inkomhal' met een bocht ter bescherming tegen katten of andere ongewenste bezoekers”, vat Tobback samen. “Binnenin leg je liefst een tapijtje van droge bladeren en stro.”

In de gratis Egelgids, die dit najaar een update krijgt, geeft ook Natuurpunt tips rond egelhuisjes. “Veel van de huisjes die je kunt kopen zijn te klein en hebben een slechte luchtcirculatie, waardoor het vocht er zich opstapelt en ze doodskistjes voor egels worden”, zegt expert Sanne Ruyts van Natuurpunt.

Gluren

Natuurpunt biedt zelf een Deluxe XXL-huisje aan, maar raadt ook aan om een HedgyHome aan te schaffen, ontworpen door Egelbescherming Nederland. “Daarin kunnen ze de winter veilig doorkomen, maar het vormt daarna ook een ruim nest voor egelmoeders en hun jongen.”

Ook waar je het huisje plaatst, is essentieel. “Op een rustige, beschutte plek, waar kinderen en huisdieren normaal niet komen, tussen de struiken achter het tuinhuis bijvoorbeeld”, legt Ruyts uit. “Ga zelf niet gluren bij het huisje, want dan kun je de egels afschrikken.”

Maar hoe kom je er überhaupt achter of er egels, typische nachtdieren, je tuin bezoeken? “Wie enkele avonden goed luistert buiten, kan ze mogelijk horen snuiven, ze maken best veel lawaai”, zegt Tobback. “Je kunt ook zoeken naar hun lange, glanzende uitwerpselen of de pootafdrukken van hun smalle teentjes. Maar een wildcamera biedt natuurlijk de grootste kans.”