Eind vorige maand was ik op één van de leukste feestjes van het jaar: het Kinderboekenbal. Schrijvers en illustratoren luidden in Tuschinski de Kinderboekenweek in. Goeie timing, want binnenkort verschijnt mijn derde kinderboek Hoe krijg je je zin zonder zeuren? Gedragswetenschap voor lezers vanaf een jaar of acht.
Die zijn er namelijk nog steeds, ondanks alle doemberichten over PISA-scores en ontlezing. En véél ook. Jaarlijks lenen Nederlanders bijna 32 miljoen jeugdboeken en kopen ze er bijna 12 miljoen. Opgeteld heel wat leesplezier.
Maar inderdaad: lang niet iedereen, jong of ouder, leest. En als ze een boek kopen, krijgen mensen het vaak niet uit: het Nachtkastjeseffect. Dat fascineert me, dat kopen, kopen maar niet lezen. De wil is er, het gedrag nog niet. Dat klinkt voor een professioneel gedragsveranderaar als iets dat je kunt verbeteren.
In zo’n geval kijk ik ook als reclamemaker snel naar het gebruiksmoment. Vier uur, Cup-a-Soup! Als je door die bril naar lezen kijkt, zoals ik vaker voor mijn werk heb mogen doen, zie je iets heel geks. Iets dat je juist tijdens de Kinderboekenweek misschien niet wilt horen.
Maar denk even met me mee. Waar bewaar jij boeken die je nog ‘moet’ lezen? Veel mensen zeggen ‘Op het nachtkastje’. Dat effect heet niet voor niks zo. En wanneer lees je die? ’s Avonds laat. Als je moe bent. En je concentratie op is. Na een paar pagina’s dansen de letters en dommel je in.
Wát een ontzettend gek moment om te lezen eigenlijk. En wat logisch ook, dat we dan weinig lezen. Lezen is voor velen het aller-allerlaatste item op de dagplanning. Letterlijk álles wat je verder te doen hebt, moet eerst gebeuren voordat je boek open mag.
En dat leren we bij een ontzettend dierbaar moment: het verhaaltje voor het slapengaan. Zo mooi, zo lief... Maar wacht even. Leren we zo niet dat lezen een slaapmiddel is? In de slaapwetenschap bestaat al decennia het principe van stimulus control. Als een handeling steeds samengaat met slapen, kan die op den duur een signaal voor slaperigheid worden.
Dit vormt zelfs de basis voor effectieve gedragstherapieën tegen slapeloosheid. En wat blijkt: kinderen die voor het slapen lezen, slapen meer. Maar lezen ze daardoor ook minder? Trainen we kinderbreinen om bij lezen in de slaapstand te gaan? Ongewild, van jongs af aan, dagelijks, jarenlang?
Goeie ragebait: ‘GEDRAGSEXPERT WIL VERHAALTJE VOOR SLAPENGAAN VERBIEDEN!’ Hoewel ik graag eens bij een talkshow zit, ga ik niet zo ver. Het is niet specifiek onderzocht. En ook ik ben een vader, die dat mooie moment op de rand van het bed graag blijft koesteren.
Ik heb wel een serieus pleidooi: zet er wat náást. Zorg voor een ander vast, wakker leesmoment. Een verhaaltje voor het etengaan. Voor het sportengaan. Voor het gamen, TikTokken of appengaan. Voor mijn part een verhaaltje voordat je gaat vapen op je fatbike.
Oké, ik sla door.
Maar gebruik die eigenschap die zo bij kinderboeken hoort: je fantasie. En bedenk jouw extra leesmoment, voor je kids of jezelf. Want een boek is meer dan een papieren slaappil. En lezen te belangrijk én leuk om altijd op de laatste plaats te komen.
Tim den Heijer is campagnemaker, spreker en schrijver. Hij noemt zichzelf de grootste fan van (gedrags)wetenschap in de reclamewereld. Tim is co-auteur van ‘Het bromvliegeffect’ over schijnbaar kleine dingen die een grote invloed hebben op ons en de wereld om ons heen.